Leren leven met een lage rente

De rente in het eurogebied is historisch laag en blijft dat naar verwachting nog lange tijd. Sinds de jaren tachtig is de rente steeds verder gedaald. De rentedaling hangt samen met de sterk gedaalde inflatie en met trends waar de centrale bank geen invloed op heeft. Zo hebben mensen meer behoefte aan sparen, door de vergrijzing, is er een lagere productiviteitsgroei en blijven investeringen al jaren achter. Om economische groei en inflatie te bevorderen is het monetaire beleid van de ECB al geruime tijd zeer ruim, waardoor de rente nog verder is gedaald. Door de optelsom van omgevingsfactoren en het ECB-beleid zijn rentes in veel landen in het eurogebied zelfs onder de nul uitgekomen.

Lage rente heeft voor- en nadelen

Nu geld sparen minder aantrekkelijk is, door de lage rente, zoeken mensen andere manieren om met hun geld iets te verdienen. Zo lenen ze vaker geld aan landen of ondernemingen via obligaties, waardoor obligaties sterk in waarde gestegen zijn. Dit maakt het voor bedrijven makkelijker om financiering te krijgen. Daarnaast krijgt de overheid meer financiƫle ruimte, doordat ze minder rente hoeft te betalen op de staatsschuld. Voor banken is de lage rente gunstig omdat er meer vraag is naar kredieten, maar als de situatie van lage rentes langer aanhoudt kunnen hun winsten onder druk komen te staan. Ook het huidige pensioenstelsel is kwetsbaar voor een dalende rente, omdat het opbouwen van pensioenen flink duurder is geworden en de rente veel invloed heeft op pensioenuitkeringen. Bij verzekeraars maakt de lage rente het steeds lastiger om een rendement te behalen dat voldoende is om de uitkeringen waar te maken die ze hebben beloofd. Ten slotte zijn, mede door de gedaalde rente, in veel landen van het eurogebied de huizenprijzen sterk gestegen. Dit kan bijdragen aan een tweedeling tussen huishoudens die al een huis bezitten en die dus profiteren van deze stijging, en aan de andere kant huishoudens waarvoor het steeds moeilijker wordt om een huis te kopen.

Wat merken huishoudens hiervan?

De lage rente is een verschijnsel waarmee iedereen in aanraking komt. Mensen zijn namelijk minder kwijt aan rentebetalingen op hun hypotheek en houden daardoor meer geld over voor consumptie. Dat is goed voor de economische groei en de werkgelegenheid. Ook zijn door de gedaalde rente de bezittingen van huishoudens, zoals huizen en beleggingen, sterk in waarde gestegen. Maar daar staat tegenover dat de rente op spaarrekeningen is gedaald en de pensioenuitkeringen onder druk staan.

Wat de overheid kan doen

De optelsom van de positieve en negatieve effecten van de lage rente is niet voor iedereen gelijk. Een huizenbezitter profiteert van lage rente en een spaarder heeft er nadeel van. Op deze manier heeft een gepensioneerde huurder vaak meer last van de gedaalde rente dan een werkende huizenbezitter. Zulke herverdelingseffecten kunnen leiden tot spanningen in de samenleving. Het is aan de overheid om waar mogelijk rekening te houden met de belangen van de groepen die last hebben van de lage rente. Als bijvoorbeeld starters op de huizenmarkt nadeel ondervinden van gestegen huizenprijzen, moet de vraag worden gesteld of overheidsbeleid dat hieraan bijdraagt misschien moet worden bijgesteld. Voor de pensioenen moet de vraag worden gesteld of we een verantwoorde stap kunnen zetten naar een stelsel waarin de rente minder invloed heeft op pensioenuitkeringen.

Lees meer over de lage rente in hoofdstuk 1 van ons jaarverslag (p.11)